Coatings: titanium, zwart, goud – invloed op slijpen
Steeds meer kappersscharen zijn voorzien van een coating, zoals titanium, zwarte of gouden afwerkingen. Deze coatings worden vaak gepresenteerd als slijtvast, hypoallergeen of cosmetisch aantrekkelijk. Technisch gezien hebben coatings echter directe gevolgen voor slijpen, onderhoud en levensduur. Het is daarom belangrijk te begrijpen wat een coating wel en niet doet.
Wat is een coating bij kappersscharen?
Een coating is een dunne, harde laag die op het staal wordt aangebracht. Veelgebruikte coatings zijn:
- titanium (TiN of varianten);
- zwarte coatings (bijv. PVD of DLC-achtig);
- goudkleurige coatings (meestal TiN-varianten).
De coating zit op het oppervlak van de schaar, niet in het staal zelf.
Waarom worden coatings toegepast?
Coatings hebben meerdere doelen:
- verminderen van wrijving tussen de bladen;
- verhogen van oppervlakhardheid;
- verbeteren van corrosiebestendigheid;
- verminderen van nikkelcontact (hypoallergeen);
- visuele uitstraling en merkonderscheid.
Ze veranderen echter niets aan de staalsoort of kernkwaliteit.
Invloed van coatings op het slijpen
Coating en snijrand
De snijrand zelf:
- bestaat altijd uit staal;
- verliest bij slijpen onvermijdelijk de coating;
- kan niet “mee-geslepen” worden met coating intact.
Dit betekent dat bij professioneel slijpen de coating op en rond de snede verdwijnt. Dat is technisch normaal en onvermijdelijk.
Coating op de bladen
Tijdens slijpen moet rekening worden gehouden met:
- het niet onnodig beschadigen van de coating buiten de snede;
- gecontroleerde materiaalafname;
- het vermijden van hitte die coating en staal kan aantasten.
Onzorgvuldig slijpen kan leiden tot:
- afbladderen van coating;
- ongelijk uiterlijk;
- extra wrijving.
Wat coatings níét doen
Belangrijk om te weten:
- coatings maken een schaar niet scherper;
- coatings vervangen geen correct slijpen;
- coatings voorkomen geen bot worden;
- coatings herstellen geen beschadigde snede.
De snijprestaties worden altijd bepaald door staal, slijpvorm en afstelling.
Titanium coatings (TiN)
Titanium coatings:
- verhogen de oppervlakhardheid;
- verminderen wrijving;
- bieden extra bescherming tegen corrosie.
Bij slijpen:
- verdwijnt TiN bij de snede;
- blijft de coating op de rest van het blad intact bij correct werk;
- heeft geen invloed op de scherpte zelf.
Zwarte coatings
Zwarte coatings (zoals PVD- of DLC-achtige lagen):
- zijn vaak harder dan standaard coatings;
- geven een matte, slijtvaste uitstraling;
- verminderen reflectie en soms wrijving.
Bij slijpen:
- zijn ze gevoelig voor krassen bij verkeerde apparatuur;
- verdwijnen ze bij de snede;
- vereisen ze extra zorg bij afstellen om beschadiging te voorkomen.
Goudkleurige coatings
Goudkleurige coatings zijn meestal:
- esthetisch en functioneel (TiN-varianten);
- bedoeld voor bescherming en uitstraling.
Technisch gelden dezelfde regels als bij titanium coatings.
Onderhoud van gecoate scharen
Voor gecoate scharen is onderhoud extra belangrijk:
- altijd goed drogen na reinigen;
- geen schurende middelen gebruiken;
- licht oliën van scharnier en bladen;
- voorzichtig omgaan met vallen en stoten.
Verkeerd onderhoud verkort zowel de levensduur van de coating als van de schaar.
Merk je dat je gecoate schaar anders knipt of toe is aan onderhoud?
Coatings en levensduur
Een coating kan:
- de buitenzijde beschermen;
- corrosie vertragen;
- wrijving verminderen.
Maar:
- de levensduur van de snede wordt bepaald door slijpen en afstelling;
- bij elke slijpbeurt neemt het zichtbare coatinggebied bij de snede af;
- dit is technisch normaal en geen kwaliteitsverlies.
Conclusie
Coatings zoals titanium, zwart of goud hebben invloed op onderhoud en het slijpproces, maar niet op de kernprestaties van de snede. Bij slijpen verdwijnt de coating altijd bij de snijrand; dat is onvermijdelijk. Correct en specialistisch slijpen voorkomt onnodige schade aan de coating en behoudt het knipgevoel. De echte kwaliteit van een kappersschaar blijft bepaald door staal, slijpvorm en afstelling — niet door de coating.
